Ze ziet er Colombiaans uit, heeft een donkere huid, donker haar, donkere ogen en is voor Colombia van gemiddelde lengte en dus een stuk kleiner dan de gemiddelde Nederlandse. Maar haar hele leven is ze al omringd met mensen die er anders uitzien dan zij. De eerste keer dat Inès naar Colombia kwam, voelde als thuiskomen. Toen ze vijf maanden oud was, werd Inès geadopteerd door een Nederlands echtpaar.

Roots

Ze groeide op in het overwegend witte Nijverdal, waar tot op de dag van vandaag regelmatig gevraagd wordt waar ze écht vandaan komt. Een eerste zoekpoging naar haar roots, pre-internet, loopt op niks uit. Maar als ze op haar eenendertigste voor de tweede keer haar biologische familie gaat zoeken is het al snel ´raak´.

Haar moeder Cecilia woont in Bucaramanga, waar ik ook woon. Inès kwam hier in 2010 voor het eerst op bezoek, en zal nog een paar keer terugkomen. Haar familie gaat ook naar Nederland. Maar dan blijkt begin 2018, na een DNA test, ineens dat haar moeder Cecilia en alle andere familieleden die ze de afgelopen jaren heeft leren kennen, helemaal niet haar biologische familieleden zijn. De papieren kloppen wel. De handtekening van Cecilia staat echt op haar papieren. Maar het betekent wel dat ze niet haar eigen papieren heeft. En het betekent dat er ergens ter wereld een andere Colombiaanse is, die ook niet met de juiste papieren loopt. Van de enige babyfoto die Inès van zichzelf heeft, weet ze niet eens meer zeker of zij het wel is.

Foto: Inès privé

Geen uniek verhaal

Inès haar verhaal is niet uniek, shocking genoeg. Op bijeenkomsten van geadopteerde kinderen in Nederland ontmoet ze mensen die vanuit hetzelfde tehuis zijn geadopteerd en waarvan ook niks van de papieren blijkt te kloppen. Tuurlijk, Inès zag meteen dat zij een stuk donkerder is dan Cecilia, en dat ze ook niet op haar halfbroers en -zussen lijkt. Maar die lijken onderling ook niet op elkaar, ze zocht er niks achter. Pas als er jaren later via Plan Angel een DNA test wordt uitgevoerd, blijkt dat de familie aan wie ze inmiddels zo gehecht is geraakt, niet haar biologische familie is.

Terwijl we lunchen vertelt ze dat ze Cecilia nog steeds ‘moeder’ noemt, en ook de rest van de familie noemt ze zus, neefje, oom en zo verder. Het is té ingewikkeld om opnieuw afstand te nemen. Ook Cecilia vraagt haar ´Ik raak je toch niet weer kwijt?’ Want zij dacht jarenlang haar dochter teruggevonden te hebben. Het baart Inès weleens zorgen, wat als de ‘echte’ dochter van Cecilia ineens op de stoep staat? Of als ik toch nog mijn biologische familie vind?

Het verhaal van Cecilia

Als ik met Cecilia een limonade ga drinken, ben ik onder de indruk, ze heeft geen makkelijk leven maar blijft overwegend positief. We hebben het een beetje over koetjes en kalfjes, maar langzaamaan lijkt ze me meer te vertrouwen en vertelt ze hoe haar leven er destijds uitzag. Cecilia werkte in die tijd voor een welvarende familie in Bucaramanga. Haar oudste twee kinderen wonen bij haar moeder in het dorp waar ze vandaan komt. Maar samen met haar jongste woont ze bij de familie in, zoals in die tijd in Colombia zeer gebruikelijk was.

Als ze opnieuw zwanger blijkt, is de vader van het kindje er snel vandoor. Ze heeft hem nooit meer gezien. De familie waar ze werkt stelt haar voor een keuze: of afstaan ter adoptie – of ontslag waardoor ze op straat komt te staan met twee jonge kindjes. Naar haar moeder wil ze niet, die weet ook niet dat ze zwanger is.

Foto: Floor Veer

Ze kiest voor adoptie en bevalt op 17 februari 1978 van een meisje. Een non komt de baby halen en een paar uur later is Cecilia weer aan het werk bij de familie. Ze vertelt het na al die jaren nog altijd met tranen in haar ogen en haar stem slaat een paar keer over. Wat haar bijgebleven is, is de pijn in haar borsten omdat ze geen baby had om te zogen. Na een paar dagen krijgt ze ontstekingen maar ze moet doorwerken – ook het zware werk zoals tapijten uitkloppen.

Verder vertelt ze dat ze nog maanden ’s nachts wakker werd en dacht een baby te horen huilen. Stiekem hoopte ze dan dat de nonnen haar baby hadden teruggegeven. Nu zegt ze:´Ik wil mijn dochter zo graag nog een keer zien, of in ieder geval iets van haar horen, weten dat ze leeft en dat ze het goed heeft. Zelfs als ze me niet wil leren kennen is het goed, dat begrijp ik. ´ Ondertussen beschouwt ze Inès, ondanks dat het biologisch niet zo is, echt als een dochter. En gek genoeg vind ik zelf dat ze, van het beetje dat ik ze beiden ken, ook op elkaar lijken. Niet qua uiterlijk maar wel qua hart en strijdbaarheid.

Laksheid omtrent adopties

Natuurlijk gebeurde dit allemaal in een tijd waarin men niet eens kon bedenken dat er ooit zoiets als internet zou ontstaan, of dat we onze biologische families terug konden vinden met DNA, maar ik vind de laksheid omtrent het hele verhaal ongelofelijk. In Colombia, maar ook zeker aan de Nederlandse kant. Hoe kon dit gebeuren? Gebeurt het nog steeds? En om hoeveel kinderen gaat het?

In de loop van de jaren zijn er ruim 5.500 kinderen vanuit Colombia naar Nederland gehaald. Maar over de hele wereld zijn zo’n 60.000 kinderen vanuit Colombia geadopteerd. Naar schatting van Marcia Engel, oprichtster van Plan Angel, is zeker 80 procent van deze adoptiegevallen eigenlijk ´gelegaliseerde kinderhandel´ – daarover later meer.

LEES OOK ROSE ZOEKTOCHT NAAR ZICHZELF

Een trauma waar je dankbaar voor moet zijn

Inès vertelt me dat er over adoptie weleens gezegd wordt dat het het enige trauma is waarvoor je dankbaar moet zijn. Er zit zó veel tegenstelling in zo’n opmerking. Ja, ze is in een ontwikkeld land terecht gekomen waar ze waarschijnlijk meer mogelijkheden heeft gekregen dan dat ze in Colombia had gehad. Maar ze is ook ontworteld. Ze spreekt redelijk Spaans, en met haar familie redt ze zich prima, maar bij een notaris wordt het lastiger. En daar heeft ze veel mee te maken.

Ze wil namelijk ook graag een Colombiaans paspoort, maar omdat ze hier geregistreerd is als Campman, met een C in plaats van Kampman met een K, kost de hele procedure veel tijd en geld. Het is een foutje, een slordigheidje, maar wel één van de velen. Het geeft Inès het gevoel dat het eind jaren 70 vooral om geld te doen was: adoptieouders die willen betalen? Dan sturen we gewoon een baby. We zien wel hoe we het registreren. De wensen van adoptieouders werden daarmee ver boven het belang van het kind gesteld.

Ook als we samen lunchen is het verwarrend. De bedieningsmedewerker van het restaurant waar we zitten kijkt ons een paar keer vol ongeloof en verwarring aan. Je ziet haar denken ´hoe zit dit?´. Een Colombiaanse die een andere taal spreekt, maar niet vloeiend Spaans. En een typische blonde Hollandse die in het Spaans ratelt. Volgens mij staat ze een paar keer op het punt om te vragen hoede vork hier in de steel steekt. Maar dat zou voor Colombiaanse begrippen enorm onbeleefd zijn.

Foto: Floor Veer

Plan Angel – DNA database

Ik spreek voor dit artikel ook met Marcia van Plan Angel. Zij doen verschrikkelijk goed en indrukwekkend werk zoals het aanleggen van een database. Daarvoor verzamelen ze DNA van geadopteerde kinderen en van de families die een kindje hebben afgestaan.

Momenteel heeft Plan Angel duizend lopende zaken. De helft daarvan zijn families in Colombia op zoek naar het afgestane kindje. Het grootste struikelblok voor de organisatie is voldoende fondsen. Marcia zegt daarover: ¨Ik heb er zelf alleen vorig jaar al 12.000 euro ingestoken. Ik krijg geen salaris en dat wil ik ook niet, want ik wil niet dat mensen zoals Inès betalen om te weten waar ze vandaan komen. We ontvangen wel donaties, maar ook die zijn niet genoeg om alle kosten te dekken¨. Het is schrijnend, want hoe meer DNA Plan Angel af kan nemen, hoe meer families herenigd kunnen worden.

Want waarom zijn alleen de papieren niet voldoende?

Inès haar verhaal staat niet op zich. Op papier klopt haar adoptie, maar in werkelijkheid is alleen DNA nog een strohalm om haar biologische familie terug te vinden. Overigens is dit niet specifiek voor Colombia, maar voor vrijwel alle adoptielanden.

Het verhaal is even ingewikkeld als simpel maar bovenal afschuwelijk. Als de moeders op zoek gingen naar ondersteuning voor de opvoeding van hun kind, bijvoorbeeld door te vragen om kleding of voeding, dan werd hen gevraagd een papier te ondertekenen, waarmee ze die steun zouden krijgen. Een deel van de moeders was analfabeet en wist niet dat ze met hun handtekening of vingerafdruk in werkelijkheid akkoord gingen met het afstaan van hun kind – en dat dat onherroepelijk was. Ook in ziekenhuizen verdwenen de kinderen. Vervolgens werden deze kinderen op papier wees. En binnen het Haags Adoptie Verdrag is het adopteren van weeskinderen relatief eenvoudig. De kinderen konden snel geadopteerd worden, een proces waar simpelweg veel geld in omging. Hierom noemen Inès en Marcia het ook wel gelegaliseerde kinderhandel.

De Nederlandse overheid moet dit bijna wel geweten hebben, maar ontkent hun aandeel hierin nog altijd. Ook in Colombia mist Marcia van Plan Angel erkenning en publieke ondersteuning. Het zou voor haar al veel helpen als er gezegd zou worden: ´Plan Angel doet goed werk´.

En hoe nu verder voor Inès?

Dat ze vanuit Bogotá, de hoofdstad van Colombia naar Nederland is gekomen, is het enige wat Inès zeker weet. De rest staat vanwege de onjuiste papieren op losse schroeven. Klopt haar geboortedatum? Is zij de baby op de foto? Heeft ze nog broertjes of zusjes? Wie zijn haar biologische ouders? Hoewel ze Bucaramanga nu goed kent, kan ze werkelijk uit het hele land komen, een flinke opgave in ieder land, maar zeker als je bedenkt dat Colombia 28 keer zo groot is als Nederland.

Hoe nu verder? De kans dat het lukt is realistisch gezien klein, en volledig afhankelijk van DNA. Niet alleen voor Inès, maar ook voor Cecilia, die nog altijd hoopt het meisje wat ze 40 jaar geleden heeft afgestaan nog een keertje te zien.

Wil je Plan Angel ondersteunen? Dat doe je het beste door een donatie van hun website en dat kan hier.

mm
Hola! Ik ben Floor Veer en woon sinds 2011 in Colombia. Samen met mijn man heb ik een exportbedrijf van biologisch fruit. Daarnaast ben ik lokale vertegenwoordiger voor PUM en heb ik een eigen tekstbureau . Colombia is een heel mooi, maar vaak ook spannend land, met behoorlijk wat corruptie en inkomensongelijkheid. Welke impact dat heeft op vrouwen en meisjes, zet ik graag voor de Wereldwijven op papier!